U bent hier: Home » FAQ » Wat is de te volgen procedure wanneer de provincie een aanwijzing tegen een omgevingsvergunning voor afwijken van het bestemmingsplan heeft gegeven? En wat is het gevolg van de aanwijzing voor de andere vergunde activiteiten?
banner-big-1.png

Wat is de te volgen procedure wanneer de provincie een aanwijzing tegen een omgevingsvergunning voor afwijken van het bestemmingsplan heeft gegeven? En wat is het gevolg van de aanwijzing voor de andere vergunde activiteiten?

Vraag: Wat is de te volgen procedure wanneer de provincie een aanwijzing tegen een omgevingsvergunning voor afwijken van het bestemmingsplan heeft gegeven? En wat is het gevolg van de aanwijzing voor de andere vergunde activiteiten?

Antwoord: De procedure voor een aanwijzing tegen een omgevingsvergunning voor afwijken van het bestemmingsplan is te vinden in artikel 3.13 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo).

De aanwijzing kan alleen worden gegeven wanneer een zienswijze van de provincie op het ontwerp van de omgevingsvergunning niet is overgenomen in de besluitvorming van de omgevingsvergunning. Is dat het geval, dan dient de gemeente de omgevingsvergunning onverwijld aan de provincie toe te zenden (artikel 3.13 lid 1 Wabo; let wel: het toezenden van de ontwerpvergunning aan de provincie is altijd verplicht, zie artikel 6.12 lid 1 van het Besluit omgevingsrecht). Het toezenden van de omgevingsvergunning aan de provincie geschiedt zodoende nadat het college van B&W heeft besloten om de omgevingsvergunning (ondanks de zienswijze van de provincie) te verlenen.

Op grond van artikel 3.13 lid 2 Wabo heeft GS van de provincie vervolgens 6 weken de tijd om een aanwijzing te geven (artikel 4.2 lid 2, 3 en 4 van de Wet ruimtelijke ordening zijn niet van overeenkomstige toepassing verklaart, zie artikel 3.13 lid 2 Wabo). Maakt het provinciebestuur geen gebruik van deze bevoegdheid binnen deze termijn, dan kan de verleende omgevingsvergunning worden gepubliceerd. De omgevingsvergunning treedt vervolgens 6 weken na publicatie in werking (artikel 6.1 Wabo, tenzij anders door B&W wordt bepaald op voet van artikel 6.2 Wabo).

Maakt het provinciebestuur gebruik van de aanwijzingsbevoegdheid binnen deze termijn, dan wordt het gemotiveerde aanwijzingsbesluit tegelijkertijd met het besluit over de omgevingsvergunning bekend gemaakt. De bekendmaking van beide besluiten vindt plaats binnen 7 weken nadat de B&W de omgevingsvergunning aan de provincie hebben toegezonden (artikel 3.13 lid 4 Wabo). Verder wordt aan de andere indieners van zienswijzen op het ontwerp van de vergunning bekend gemaakt dat tot een aanwijzing is besloten en bekend gemaakt (artikel 3.13 lid 5 Wabo). Belanghebbenden kunnen vanaf het moment dat de omgevingsvergunning en de aanwijzing ter inzage zijn gelegd beroep aantekenen tegen beide besluiten. Er volgt geen mogelijkheid om bezwaar aan te tekenen tegen het aanwijzingsbesluit (artikel 6.5a Wabo), de bezwaren tegen een aanwijzing kunnen eerst pas in beroep bij de rechtbank kenbaar worden gemaakt.

Het rechtsgevolg van de aanwijzing is dat de omgevingsvergunning voor de gevraagde activiteit ‘afwijken van het bestemmingsplan’ (artikel 2.1 lid 1 onder c Wabo) geen deel meer uitmaakt van de gevraagde omgevingsvergunning (artikel 3.13 lid 2 Wabo). Wordt geen beroep ingesteld tegen de aanwijzing, of blijft de aanwijzing in beroep (en eventueel in hoger beroep) in stand, dan vervalt het onderdeel ‘afwijken van het bestemmingsplan’ van rechtswege van de omgevingsvergunning (artikel 3.13 lid 6 Wabo). Voor de overige gevraagde activiteiten heeft de aanwijzing geen gevolgen en blijft de omgevingsvergunning in stand.

Hoewel dit nergens in de Wabo expliciet is geregeld, kan naar analoge toepassing van de artikelen 2.7 en 2.20a Wabo ervan uit worden gegaan dat activiteiten die onlosmakelijk samenhangen met het afwijken van het bestemmingsplan als gevolg van de aanwijzing eveneens van rechtswege geen deel meer uitmaken van de omgevingsvergunning. Denk bijvoorbeeld aan het geval dat een omgevingsvergunning de activiteit ‘bouwen in afwijking van het bestemmingsplan’ zou bevatten alsmede de activiteit ‘kappen van bomen’. In dat geval zal de omgevingsvergunning voor de activiteit ‘bouwen’ niet in stand kunnen blijven, nu de activiteit ‘afwijken van het bestemmingsplan’ door de aanwijzing is komen te vervallen. Voor de activiteit ‘kappen van bomen’ heeft de aanwijzing echter geen gevolgen nu deze deelactiviteit niet onlosmakelijk met de activiteit ‘afwijken van het bestemmingsplan’ is verbonden.

Bent u op zoek naar een antwoord op uw specifieke vraag? Mail dan uw vraag naar info@wabobank.nl of bel direct 058 256 40 63
© 2011 Wabobank | Sitemap
Ontwikkeld door Friks Web & Marketing