U bent hier: Home » FAQ » Wanneer is voor het houden van duiven een omgevingsvergunning nodig ?
banner-big-1.png

Wanneer is voor het houden van duiven een omgevingsvergunning nodig ?

Wanneer is voor het houden van duiven een omgevingsvergunning nodig?
Voor het houden van duiven kan een omgevingsvergunning nodig zijn wanneer sprake is van één van de volgende gevallen.
1. Voor het houden van de duiven moet een bouwwerk worden gebouwd.
2. Het houden van de duiven is een milieuhinderlijke activiteit.
3. Wanneer het bestemmingsplan het houden van duiven niet toe staat.
4. De gemeente heeft regels gesteld op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) op basis waarvan een ontheffing moet worden gevraagd en die ontheffing is geïntegreerd in de omgevingsvergunning.

1. Bouwen van een verblijf voor de duiven.
De hoofdregel is dat voor elk bouwwerk een omgevingsvergunning voor bouwen moet worden gevraagd. Een uitzondering op deze hoofdregel is wanneer sprake is van een bouwwerk waarvoor de vergunningplicht is opgeheven (zogeheten vergunningvrij bouwen). Dit is het geval als is voldaan aan de voorwaarden die worden genoemd in bijlage II van het Besluit omgevingsrecht (te vinden op www.overheid.nl).

In de regel zal voor een klein dierenverblijf dat wordt gebouwd op het achtererf (kleiner dan 10 m², niet hoger dan 3 meter en gelegen op een afstand van meer dan 1 meter van de perceelsgrens) geen omgevingsvergunning voor bouwen zijn vereist.

2. Het houden van de duiven is een milieuhinderlijke activiteit.
De vraag of voor het houden van duiven een omgevingsvergunning noodzakelijk is, hangt in de eerste plaats af of sprake is van een activiteit waarop de Wet milieubeheer (Wm) van toepassing is. Hobbymatige activiteiten zijn in de regels niet gericht op een winstoogmerk en vallen daarom niet binnen de werkingssfeer van de Wm.
In de regel is sprake van slechts het hobbymatig houden van dieren en is de Wm niet van toepassing. Om deze reden behoeft ook geen omgevingsvergunning voor een milieuhinderlijke activiteit te worden aangevraagd.

Een uitzondering op deze regel is wanneer sprake is van het hobbymatig houden van duiven in een erg grote omvang. In een recente uitspraak van de hoogste bestuursrechter (de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State, ABRvS) werd het houden van 100 duiven nog als hobbymatig gezien (ABRvS 22 december 2010, no. 201002058/1/M2). Waar precies het omslagpunt tussen hobbymatig en bedrijfsmatig ligt, is op voorhand moeilijk aan te geven. In een eerdere uitspraak vond de ABRvS namelijk dat het houden van (gemiddeld) 220 duiven wel was aan te merken als een activiteit die als bedrijfsmatig en niet als hobbymatig moest worden aangemerkt (ABRvS 28 augustus 2002, no. 200200469/1). Als vuistregel kan ervan worden uitgegaan dat dit omslagpunt ergens tussen de 100 en de 200 duiven is gelegen.

Alle uitspraken zijn overigens terug te vinden op te vinden op www.raadvanstate.nl.

3. Het bestemmingsplan staat het houden van duiven niet toe.
In de regel zal het bij een woonhuis hobbymatig houden van duiven passen binnen het bestemmingsplan zolang dat qua omvang maar past binnen de omliggende woonomgeving. Het is dus erg afhankelijk van de situatie of het houden van duiven passend is binnen de woonbestemming. Hierbij spelen ruwweg dezelfde vragen een rol als hiervoor zijn genoemd onder vraag 2.

Het kan voorkomen dat het houden van dieren (al dan niet op een hobbymatige wijze) is uitgesloten in het bestemmingsplan, of dat sprake is van het houden van duiven ergens anders dan bij een woning (bijvoorbeeld in een volkstuincomplex). In de gevallen dat het houden van duiven op grond van het bestemmingsplan niet is toegestaan, dan kan het gemeentebestuur van het daarvoor van het bestemmingsplan ontheffing verlenen. Dat kan doordat het bestemmingsplan zelf die mogelijk bevat of door middel van de zogeheten regeling voor planologische kruimelgevallen uit bijlage II van het Besluit omgevingsrecht (te vinden op www.overheid.nl). In beide gevallen moet een omgevingsvergunning voor afwijken van het bestemmingsplan worden aangevraagd.

4. De gemeente vereist een ontheffing op grond van de APV.
Sommige gemeenten hebben een verbodsbepaling opgenomen in de APV dat het houden van (grote aantallen) dieren in de buitenruimte verboden stelt. Van dit verbod kan ontheffing worden verleend. Deze ontheffing is in sommige gevallen geïntegreerd in de omgevingsvergunning, maar lang niet alle gemeenten hebben dat gedaan. Informeer bij uw lokale gemeente of een dergelijke toestemming noodzakelijk is en, zo ja, of deze toestemming gelijktijdig bij het aanvragen van de omgevingsvergunning kan worden verkregen.

Bent u op zoek naar een antwoord op uw specifieke vraag? Mail dan uw vraag naar info@wabobank.nl of bel direct 058 256 40 63
© 2011 Wabobank | Sitemap
Ontwikkeld door Friks Web & Marketing